De EU AI-verordening verdeelt verplichtingen tussen aanbieders (die AI-systemen bouwen) en gebruikers (die ze in de praktijk brengen). Begrijpen welke rol u vervult, bepaalt uw nalevingsdruk — en of u aansprakelijkheid aan een andere partij kunt overdragen.

De twee-acteurarchitectuur van de EU AI-verordening

De EU AI-verordening creëert geen enkele universele verplichting voor alle AI-betrokkenen. Ze maakt systematisch onderscheid tussen twee primaire rollen in de AI-waardeketen:

Dit onderscheid is niet semantisch. Het bepaalt welke verplichtingen van toepassing zijn, wie welke documentatie bewaart, wie registreert in de EU AI-databank, wie de conformiteitsbeoordeling uitvoert en wie aansprakelijk is wanneer er iets misgaat. Uw rol correct bepalen is de eerste stap in elk EU AI-verordening nalevingsprogramma.

Een derde rol — gemachtigde vertegenwoordiger — is van toepassing op aanbieders die buiten de EU zijn gevestigd en een in de EU gevestigde vertegenwoordiger moeten aanwijzen om hun regelgevende verplichtingen op EU-grondgebied te dragen.

De aanbieder definiëren (Art. 3(3))

Een aanbieder is elke natuurlijke of rechtspersoon, overheidsinstantie, agentschap of ander orgaan dat:

  1. Een AI-systeem ontwikkelt of laat ontwikkelen, en
  2. Het op de markt brengt of in gebruik stelt onder eigen naam of handelsmerk — al dan niet tegen betaling

De kernindicatoren van aanbiederstatus zijn ontwikkelingsverantwoordelijkheid en marktplaatsing. Een AI-laboratorium dat een kredietscoringsmodel bouwt en in licentie geeft, is een aanbieder. Een adviesbureau dat een op maat gemaakt wervingsscreeningtool ontwerpt en bouwt voor een klant en vervolgens overdraagt, is ook een aanbieder (zolang het systeem op de markt wordt gebracht onder eigen naam; als het is gebouwd onder het merk van de klant, kan de klant de aanbieder zijn).

De definitie omvat:

Aanbieders dragen de zwaarste nalevingsdruk onder de verordening. Voor hoog-risico systemen omvat dit het uitvoeren van conformiteitsbeoordelingen, het opstellen van technische documentatie, het registreren in de EU AI-databank, het aanbrengen van CE-markering en het onderhouden van een post-marktbewakingssysteem.

De gebruiker definiëren (Art. 3(4))

Een gebruiker is elke natuurlijke of rechtspersoon, overheidsinstantie, agentschap of ander orgaan dat een AI-systeem onder eigen verantwoordelijkheid gebruikt voor een professioneel doel — behalve wanneer gebruik voor persoonlijke niet-professionele activiteit plaatsvindt.

Gebruikers bouwen geen AI-systemen. Ze gebruiken systemen die door anderen zijn gebouwd — of ze nu kant-en-klaar zijn gekocht, via API zijn gelicentieerd of zijn ingebed in een SaaS-product. De grote meerderheid van Europese organisaties die "AI gebruiken" zijn gebruikers: bedrijven die ChatGPT of Claude via API gebruiken, HR-afdelingen die AI-ondersteunde sollicitantvolgsystemen gebruiken, ziekenhuizen die AI-ondersteunde diagnostische tools gebruiken, banken die door leveranciers geleverde kredietmodellen gebruiken.

Kerngebruikersverplichtingen (voor hoog-risico AI-systemen):

Gebruikers van emotieherkennings- en biometrische categoriseringssystemen moeten ook voldoen aan de transparantieverplichtingen van Art. 50, ongeacht de risicoklassificering.

De aanbieder-gebruikersgrens in de praktijk

De grens tussen aanbieder en gebruiker is in theorie duidelijk maar in de praktijk vaag. Drie scenario's illustreren de veelvoorkomende grijze gebieden:

Scenario 1: Kant-en-klare SaaS zonder aanpassing

Een bedrijf abonneert zich op een AI-gestuurd HR-screeningplatform van een leverancier zonder wijziging. De leverancier is de aanbieder. Het bedrijf is de gebruiker. De leverancier is de aanbieder verplicht gebruiksinstructies, conformiteitsdocumentatie en loggingmogelijkheden te verstrekken. Het bedrijf is zijn medewerkers transparantie en menselijk toezicht verschuldigd.

Scenario 2: API-integratie met aanzienlijke promptengineering

Een bedrijf integreert een GPAI-model via API, voegt een aangepaste systeemprompt toe, bouwt een gebruikersinterface en brengt de toepassing uit aan klanten. Voor het onderliggende GPAI-model is de oorspronkelijke ontwikkelaar de aanbieder. Voor de bovenop gebouwde applicatie is het bedrijf de aanbieder — het heeft een AI-systeem ontwikkeld en op de markt gebracht onder eigen merk. Zowel aanbieder- als GPAI-verplichtingen zijn van toepassing op verschillende niveaus.

Scenario 3: Op maat intern gebouwd

Een bank bouwt zijn eigen model voor kredietwaardigheidsbeoordeling, traint het op eigen gegevens en zet het intern in voor leningbeslissingen. De bank is tegelijkertijd de aanbieder (het heeft het systeem gebouwd en ingezet) en de gebruiker (het exploiteert het systeem voor eigen doeleinden). Alle aanbiedersverplichtingen onder de verordening zijn van toepassing — inclusief conformiteitsbeoordeling voor deze Bijlage III hoog-risico toepassing — evenals alle gebruikersverplichtingen.

Wanneer gebruikers aanbieders worden (Art. 25)

Art. 25 stelt duidelijke triggers vast waarmee een gebruiker aanbiederstatus aanneemt en alle aanbiedersverplichtingen overneemt:

  1. Substantiële wijziging — de gebruiker brengt een substantiële wijziging aan in een hoog-risico AI-systeem die verder gaat dan wat de oorspronkelijke aanbieder bedoelde
  2. Doelwijziging die hoog-risicoclassificering triggert — de gebruiker gebruikt een niet-hoog-risico systeem op een manier die voldoet aan de hoog-risico criteria van Bijlage III
  3. Plaatsing onder eigen naam — de gebruiker brengt het AI-systeem op de markt of stelt het in gebruik onder eigen naam of handelsmerk
  4. GPAI-modelwijziging — een gebruiker die grote wijzigingen aanbrengt in een GPAI-model op een manier die de algemene doeltoepassing verandert

Wanneer Art. 25 wordt getriggerd, worden de verplichtingen van de oorspronkelijke aanbieder overgedragen aan de nieuwe aanbieder. De oorspronkelijke aanbieder is ontheven van verplichtingen voor het gewijzigde of van doel veranderde systeem. Dit is een belangrijk mechanisme voor aansprakelijkheidstoewijzing: organisaties die een systeem slechts aanpassen, moeten begrijpen waar aanpassing eindigt en substantiële wijziging begint.

Vergelijkingstabel verplichtingen

Verplichting Aanbieder Gebruiker
Conformiteitsbeoordeling (Bijlage VI/VII) Ja Nee
Technische documentatie (Bijlage IV) Ja Nee
CE-markering en EU-conformiteitsverklaring Ja Nee
Registratie in EU AI-databank Ja (Art. 49) Ja (overheidsinstanties, Art. 49(2))
Gebruiksinstructies Moet verstrekken Moet opvolgen
Plan voor post-marktbewaking Moet opstellen Moet ondersteunen
Melding ernstig incident Aan MSA (Art. 73) Aan aanbieder (Art. 26(8))
Maatregelen voor menselijk toezicht Moet implementeren in ontwerp Moet implementeren in exploitatie
Loggingmogelijkheid Moet inbouwen Moet activeren en bewaren
Grondrechtenbeoordeling Nee Ja (overheidsinstanties, Art. 27)
AVG DPIA (waar van toepassing) Ja Ja

Hoe u uw rol bepaalt

Drie vragen bepalen uw rol onder de EU AI-verordening:

  1. Heeft u het AI-systeem ontwikkeld, of laten ontwikkelen onder uw regie? Zo ja — en u heeft het op de markt gebracht of in gebruik gesteld — bent u een aanbieder.

  2. Gebruikt u een AI-systeem gebouwd door iemand anders voor een professioneel doel? Zo ja, bent u een gebruiker.

  3. Heeft u een AI-systeem substantieel gewijzigd, van doel veranderd of van merk voorzien? Zo ja, bent u mogelijk aanbieder geworden voor dat gewijzigde systeem op grond van Art. 25.

Voor organisaties die beide zijn — intern gebouwd voor intern gebruik — stapelen alle verplichtingen zich op. Er is geen vermindering voor geïntegreerde operaties.

Contractuele toewijzing van verantwoordelijkheden

De verordening staat aanbieders en gebruikers toe specifieke verplichtingen contractueel toe te wijzen. Art. 25(1) staat dit expliciet toe voor bepaalde verplichtingen. Er gelden echter twee beperkingen:

Inkoopteams moeten AI-leverancierscontracten gebruiken om ervoor te zorgen dat aanbieders verstrekken wat gebruikers nodig hebben: instructies, conformiteitsdocumentatie, incidentmeldingskanalen, updateverplichtingen en gegevensbeheertermen voor alle gegevens die worden gedeeld voor fine-tuning.

Official AI Act Compliance Deadline Calendar

Updated · Sources: Regulation (EU) 2024/1689 and the 2026 Digital Omnibus on AI.

Obligation Applies to Original date New date Status Countdown Legal basis
Prohibited Practices (Art. 5) All providers and deployers active AI Act Art. 5
GPAI Rules (Chapter 5) GPAI model providers active AI Act Art. 51-56
High-risk AI — Annex III (standalone) Providers of standalone Annex III systems deferred AI Omnibus 2026 Art. 6(2)
High-risk AI — Annex I (embedded) AI embedded in Annex I regulated products deferred AI Omnibus 2026 Art. 6(1)
AI-Generated Content Marking Providers of generative GPAI systems active AI Act Art. 50(2)
Regulatory Sandboxes National competent authorities active AI Act Art. 57

Download JSON · CC BY 4.0

Frequently Asked Questions

Een aanbieder (Art. 3(3)) is elke entiteit die een AI-systeem ontwikkelt of laat ontwikkelen en het op de markt brengt of in gebruik stelt onder eigen naam of handelsmerk. Een gebruiker (Art. 3(4)) is elke entiteit die een AI-systeem onder eigen verantwoordelijkheid gebruikt voor een professioneel doel — maar het niet heeft gebouwd. De aanbieder ontwerpt het systeem; de gebruiker exploiteert het. Beide hebben afzonderlijke verplichtingen.

Ja. Een bedrijf dat een hoog-risico AI-systeem bouwt voor intern gebruik is zowel aanbieder (het heeft het systeem ontwikkeld) als gebruiker (het exploiteert het systeem). Dit komt vaak voor wanneer een organisatie een op maat gemaakt HR-screeningtool of kredietscoringsmodel bouwt voor eigen operaties. In dat geval zijn alle aanbiedersverplichtingen en alle gebruikersverplichtingen tegelijkertijd van toepassing.

Een gebruiker wordt aanbieder op grond van Art. 25 wanneer hij: een hoog-risico AI-systeem substantieel wijzigt; het beoogde doel van een niet-hoog-risico systeem verandert op een manier die het hoog-risico maakt; het systeem op de markt brengt onder eigen naam of handelsmerk; of een grote wijziging aanbrengt in een GPAI-model waarbij het onder een nieuwe toepassing valt. Zodra deze drempel wordt overschreden, worden de verplichtingen van de oorspronkelijke aanbieder volledig overgedragen aan de nieuwe aanbieder.

Voor hoog-risico AI-systemen moeten aanbieders de gebruiker voorzien van: gebruiksinstructies (Art. 13) inclusief systeembeschrijving, beoogd doel, prestatiekenmerken, beperkingen, voorzienbare misbruikscenario's en technische maatregelen die nodig zijn voor veilige inzet. Ze moeten ook toegang bieden tot loggingmogelijkheden en technische ondersteuning. Aanbieders van GPAI-modellen moeten downstream-aanbieders een samenvatting geven van trainingsgegevens en mogelijkheden die nodig zijn voor naleving.

Stay ahead of AI Act changes

Get compliance alerts when deadlines or obligations change.

No spam. One-click unsubscribe.

Take compliance further with the AI Act Academy

Templates, training modules, and live Q&A — everything needed to implement AI Act compliance.